Annelies Van Parys: een originele blik op het pianoconcerto

Annelies Van Parys bouwde afgelopen 20 jaar een indrukwekkend palmares uit met compositieopdrachten van onder meer de Staatsoper Unter den Linden Berlin en het Concertgebouworkest Amsterdam. Behalve door muziektheater en kamermuziek is ze ook bijzonder gefascineerd door de mogelijkheden van het symfonieorkest. In 2006 schreef ze in opdracht van Antwerp Symphony al haar eerste symfonie ‘Carillon’, die in 2019 door het orkest hernomen werd. Nu kijken we uit naar haar pianoconcerto, dat ze op vraag van Antwerp Symphony schreef en dat op 27 mei 2022 met Jan Michiels als solist in wereldpremière gaat. 

Wat betekent het voor jou om te componeren voor een volledig symfonieorkest?
“Het blijft een zeer groot voorrecht om dit te mogen doen. Ik blijf de klank van een symfonisch orkest dat je live hoort impressionant vinden. Een gelijkaardige impact en kleurenrijkdom kan je met kamermuziek niet bereiken. Ik vind het ook interessant dat ik het Antwerp Symphony Orchestra al een hele tijd ken. Ik beeldde me tijdens het componeren hun klank of die van bepaalde solisten in. En ook de akoestiek van de Koningin Elisabethzaal zat in mijn hoofd.” 

Hoe ontdekte je in de loop der jaren wat goed werkt of wat er nog meer uit zo’n uitgebreid apparaat te halen valt?
“Je leert als student veel door zelf te schrijven, en vooral uit wat niet goed werkt. Ik vind het ook verrijkend om te luisteren naar nieuwe werken van collega’s, liefst met de partituur erbij. Dan zie je meteen hoe knappe passages genoteerd werden. Als ik naar een creatie ga luisteren, heb ik altijd een potlood en boekje bij om originele vondsten of klankcombinaties te noteren. Dat zijn zaken waar je dan zelf verder mee aan de slag kan gaan. Ik hou daarbij wel het devies van Pierre Boulez in het achterhoofd: “Verberg je invloeden!” 

Bij een pianoconcerto denkt het publiek aan een langzaam middendeel dat door twee snelle bewegingen omarmd wordt of aan een cadenza waarin de solist mag schitteren. Hebben die tradities je compositie mee vormgegeven? 
“Ik heb dat inderdaad redelijk sterk laten meespelen. Een snel deel wordt gevolgd door een lyrisch deel en dan sluit ik af met een snel deel waar een ritornello-idee in zit, met een zwaar akkoord dat terugkeert. En het gaat nog verder dan dat. Het eerste deel is in het re-spectrum geschreven, het tweede in la, en dan een terugkeer naar re in het slotdeel.” 

Spectraal componeren? 
Het spectralisme is een stroming in de hedendaagse klassieke muziek die uitgaat van een onderverdeling van een toon in een grondtoon en een aantal boventonen. De boventonen zijn op zich onhoorbaar, maar bepalen wel de specifieke kleur van een klank. Het zijn de boventonen die het verschil maken tussen bijvoorbeeld een noot op een piano en dezelfde noot op een saxofoon. Spectrale componisten baseren hun materiaal op notenverzamelingen (of spectra) die opgebouwd zijn uit een centrale noot en haar boventonen. Ze maken dus de boventonen hoorbaar, en laten ze gradueel veranderen of verschuiven. Vaak worden kwarttonen gebruikt: minuscule verschillen in toonhoogte die wrang of ‘vals’ aanvoelen en zo een erg expressief effect hebben. Zo krijgen spectrale werken een logische onderbouw die vertrekt vanuit de klank zelf, eerder dan vanuit melodie of ritme. 

Je eerste symfonie Carillon was gebaseerd op de toonspectra van een klok in het Gentse Belfort, wat erop neerkomt dat je de toon van de klok opdeelt in verschillende gelijktijdig klinkende deeltonen. Hoe belangrijk is het spectrale componeren in je pianoconcerto? 

“Vooral het middendeel is op dat vlak belangrijk. Omdat ik voor het spectralisme doorgaans ook met kwarttonen werk, is het moeilijk om de piano, waar de halve toon de kleinste toonafstand is, daar deel van te laten uitmaken. Ik wilde de solist ook niet in de piano aan de snaren klanken laten maken, maar het instrument gewoon als piano gebruiken. Toch is het middendeel een onderzoek naar spectraliteit geworden. De solist zal in dat deel vooral een hoge la spelen, en het spectrum daarrond verandert voortdurend. Hoe verder de la in het spectrum opschuift, hoe dissonanter het aanvoelt. De dissonantie en spanning nemen nog toe door het toevoegen van distortie. Dat laat ik dan weer geleidelijk aan oplossen naar meer consonante spectra.” 

Welke rol mag de virtuositeit in je pianoconcerto spelen?
“Het openingsdeel heeft een toccata- karakter en dat klinkt dus behoorlijk virtuoos. Hier is de virtuositeit helemaal gelinkt aan de muzikale idee. Ik vind dat er zeker een verwondering mag ontstaan over  de vaardigheid van de solist maar het moet natuurlijk geen circus worden. De solist mag schitteren en er is dus ook een cadenza. En als het middendeel van het werk alleen maar een onderzoek naar het spectralisme zou zijn, dan zou ik de solopartij tot de toon la beperkt hebben. Maar ook hier mag de solist zeker muziek maken.” 

Je concerto staat op het programma naast Sinfonia van Luciano Berio, een mijlpaal uit de symfonische geschiedenis. Is er een link met jouw werk? 

“Het is wel fijn dat het werk naast het pianoconcerto staat maar ik heb er geen rekening mee gehouden bij het componeren. Ik heb wel een grote affiniteit met het oeuvre van Berio en ik gebruik net als hij geregeld citaten en referenties aan de canon. Ditmaal zijn er bij mijn pianoconcerto wel referenties aan de traditie van het pianoconcerto, maar letterlijke citaten komen niet voor.” 

Hoe beleef jij de aanloop naar de eerste uitvoering van je werk?
“Ik heb alvast veel vertrouwen in de uitvoerders en wil zeker niet iedereen op de vingers zitten kijken. Ik stel me wel graag beschikbaar voor dirigent en musici. Ik ben vooral gefocust op of wat ik in mijn hoofd had bij het componeren, overeenstemt met wat ik zal horen tijdens de repetities. Als dat niet zo is, dan rijzen er vragen. Is het klinkende resultaat ook goed? Heb ik me vergist en werkt het niet zoals ik dacht? Of speelt het orkest nog niet precies wat er geschreven staat? Vaak zijn het details die bepalen of alles in zijn plooi valt of niet. Als componist moet je uiteraard heel helder proberen te zijn in de notatie. En tijdens de eindfase moet je rekening houdend met de beschikbare repetitietijd beslissen of je nog iets wil aanpassen of niet. Ik studeer de partituur ter voorbereiding alvast nog eens goed in, zodat ik alles helder in mijn hoofd heb.” TE 

Wereldcreatie van Annelies Van Parys en Berio’s Sinfonia

27.05.2022 – 20:00
Muziekcentrum De Bijloke, Gent
28.05.2022 — 20:00
Koningin Elisabethzaal, Antwerpen

Info & tickets >>>

Categorieën:Uncategorized

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s